Waarom wordt er naar Tulsidasji gerefereerd als Goswami en Maha Rishi? Wat betekent Ramayan? Wat is de geestelijke en historische achtergrond van Tulsdasji? In de volgende alinea’s wordt er antwoord gegeven op deze vragen.
Maha Rishi & Goswami
Het woord ‘rishi’ of ‘drashta’ betekent volgens de Sanskriet grammatica: hij die het allerhoogste heeft ervaren of gezien. ‘Maha’ betekent groot of groots. ‘Maha Rishi’ wordt daarom in het Nederlands grofweg vertaald als grote ziener.
‘Goswami’ kan verdeelt worden in twee woorden, ‘go’ en ‘swami’. ‘Go’ betekent zintuigen en ‘swami’ betekent leider. ‘Goswami’ is iemand die de beheersing of leiding heeft over zijn zintuigen.
Te zien is dat deze woorden te maken hebben met het niveau van bewustzijn van een persoon. Het zijn dus geen ‘titels’ die gegeven kunnen worden, maar stadia die bereikt kunnen worden. Maha Rishi Goswami Tulsidasji is het zonder enige twijfel waard om zo genoemd te worden.
Wat betekent Ramayan?
Het woord ‘Ramayan’ is op te splitsen in de woorden ‘Raam’ en ‘ayan’. Het woord ‘ayan’ heeft in het Sanskriet meerdere betekenissen, waaronder weg, huis, toe-vluchtsoord en plaats. In het woord ‘Ramayan’ heeft het woord ‘ayan’ twee betekenissen, namelijk:
1. Woonplaats. Ramayan betekent dus de woonplaats van Raam;
2. Weg. Ramayan is de weg die leidt naar Raam.
De gehele wereld is een manifestatie van Shri Sita Mata, de natuur. Net zoals de zon onafscheidelijk verbonden is met haar stralen, zo is de natuur constant verbonden met Shri Raam, het allerhoogste en de oorsprong van de natuur. Als men zegt dat Shri Raam alomvertegenwoordigd is en aanwezig is in alle levende wezens, dan betekent het dat de gehele wereld zijn ‘ayan’, met andere woorden, zijn woonplaats is. De zichtbare wereld is dus niets anders dan Shri Raam en zijn huis (Ramayan) in de vorm van de natuur, Shri Sita Mata.
De Ramayan is niet zomaar een ‘verhaaltje’, maar een geschrift dat voor spirituele aspiranten de weg wijst naar het allerhoogste. Degenen die de Ramayan lezen en, nog belangrijker, praktiseren, zijn in staat de weg te bewandelen die leidt naar Shri Raam.
De Raamcharitmaanas
De Raamcharitmaanas, geschreven door Maha Rishi Goswami Tulsidasji, is voor de gehele mensheid een zegen. Daarnaast is het een van de belangrijkste houvasten geweest voor mensen die Bhaarat ver-lieten en hun cultuur wilden behouden. Onder deze mensen valt ook de Surinaams – Hindoestaanse bevolking.
De Raamcharitmaanas is aan de ene kant de samenvoeging van alle filosofische stelsels van Bhaarat en aan de andere kant de belichaming van de Waidik Shaashwat Sanaatan Dharm (de universele kennis die gegrondvest is in de Weda), Sanskriti (cultuur) en Sabhyata (normen en waarden).
Tenslotte, als men zegt dat het levensverhaal van Shri Raam, in de vorm van de Raamcharitmaanas, de belichaming is van de kernwaarden van Bhaarat, dan is dit geen grootspraak of overwaardering.
De uitgangspunten van Raamaanand Aachaarya ji
In zowel historische als filosofische context is het belangrijk te weten dat Maha Rishi Goswami Tulsidasji in de geestelijke erfopvolging van Bhagwaan Shri Raamaanand Aachaaryaji valt. Dit, omdat Shri Raamaanandji de Guru van de Guru (Shri Narharyaanandji) van Tulsidasji is. Ook onze eerwaarde en beschermheer Gurudewji valt in deze erfopvolging.
De verschijning van Bhagwaan Shri Raamaanand Aachaaryaji, wie gezien wordt als een reïncarnatie van Bhagwaan Shri Raam, vond plaats in de 14de eeuw na Chr. In deze tijd regeerden de moslims over Bhaarat en waren hindoes tweederangsburgers in hun eigen land. Shri Raamaanand Aachaaryaji zag veel onenigheid bij de hindoes. Door zijn verkondigingen ging hij tegen deze onenigheid in.
Er zullen enkele belangrijke uitgangspunten van Shri Raamaanand Aachaaryaji worden toegelicht.
Shri Raamaanandji predikte dat iedereen recht had op het aanbidden van Bhagwaan; los van geslacht, ras, stroming, etc. Zijn uitgangspunt was dat bij Satsangat ( ), de plaats waar men bijeenkomt om te discussiëren over het allerhoogste, en Pangat ( ), tijdens het eten, iedereen gelijk is. Hij bracht een einde aan het idee dat onaanraakbaren (paria) en vrouwen geen recht hadden op geestelijke ontplooiing en het aanbidden van Bhagwaan, door het volgende te verkondigen:

Degene die Hari (Vishnu) aanbidt, zal Hem bereiken. Niemand zal naar de ras, afkomst, etc. van diegene vragen, omdat Hari degene is die er voor iedereen is.
Met deze boodschap bracht hij zeker 30 miljoen hindoes, die uit noodzaak of door geweldadigheid bekeerd waren, weer terug naar de Hindoe Dharm. Ook maakte hij geen onderscheid tussen verschillende stromingen binnen de Hindoe Dharm. Hij inspireerde een ieder om zichzelf ‘de beste’ te noemen zonder een ander als ‘lager’ te zien.
De denkwijze van Shri Raamaanandji komt in vele geschriften van Goswami Tulsidasji voor. Ook in de Raamcharitmaanas wordt er vaak gerefereerd naar de onbeschrijfe-lijke liefde die een ieder voor Shri Raam kan hebben. Daarnaast geeft Goswami Tulsidasji aan dat men het allerhoogste kan bereiken, ongeacht de manier waarop men bidt. Het maakt dus niet uit of men met beeld (sagun) of zonder beeld (nirgun) bidt.
De leringen van Shri Raamaanandji zijn vandaag nog steeds relevant. Als de samenleving in staat is om de ‘nutteloze’ tradities, die vooruitgang belemmeren, te doorbreken en om de lering van Bhagwaan Raamaanand Achaaryaji toe te passen, dan kan er een stap gezet worden naar een sterke en harmonieuze samenleving.
|