Shankaraachaarya

Shankar werd in de achtste eeuw geboren in het dorpje Kaladî, in de provincie Kerala, in het zuiden van India. Er wordt gezegd dat Shankar voor zijn ouders verscheen en hun de keus liet tussen een talrijk maar minder briljant nageslacht of een kind dat een kort en opvallend leven zou leiden. De ouders kozen voor het tweede.

In zijn jonge jaren las Shankar de Veda en zijn ouders hadden een goede hoop dat Shankar in de toekomst een belangrijk iemand zou worden. Helaas heeft zijn vader dit meegemaakt, omdat deze overleed toen Shankar drie jaar was. Toen hij vijf was werd hij naar de gurukul (school) gestuurd. Shankar had een bepaalde gave, dit was als hij eenmaal iets had gehoord dan onthield hij dat ook. In zijn jonge jaren had hij al veel kennis opgedaan in vakgebieden zoals: wiskunde, filosofie, yoga en grammatica. Shankar had een voorkeur voor de Veda en Upanishads.

Na het afronden van zijn studie kwam Shankar weer naar huis. Hij verzorgde zijn moeder en daarnaast besteedde hij veel tijd aan te lezen. Shankar wilde graag een leven als een asceet leiden. Dit wilde de moeder zijn moeder niet omdat zij graag wilde dat haar zoon voor haar bleef zorgen. Zolang Shankar de zegen van zijn moeder niet had, bleef hij bij zijn moeder wonen en verdiepte zich in de boeken. Zo leefde hij zijn leven verder tot op een dag Shankar ging baden in de rivier en een krokodil zijn been beet pakte en hem verder meenam in de rivier. Shankar schreeuwde naar zijn moeder dat een krokodil hem beet had en dat de krokodil hem dood zou maken. Mocht hij dood gaan, dan had hij een onvervulde wens in zijn hart en dan zou zijn ziel geen rust vinden. Shankar vroeg zijn moeder haar zegen om zijn leven als een asceet te leiden. Zijn moeder gaf hem haar zegen en op dat moment kwamen de vissers om hem te redden van de krokodil.

Shankar maakte zich klaar om te vertrekken van huis. Om zijn leven als asceet te beginnen was hij op zoek naar een guru die hem verder kon onderwijzen en ontwikkelen op het gebied van kennis en de Hindoe dharm. Tijdens zijn reis kwam Shankar in aanraking met Govindapada, zijn guru. Govindapada leerde Shankar alles over de Veda en de filosofie achter de Mahabharat.

Toen Shankar bekwaam genoeg was besloot hij door India te reizen en zijn kennis te verspreiden en mensen te helpen waar hij kon. Hij reisde door heel India en zag dat de Hindoes onderling verdeeld waren door haat, jaloezie en hebzucht. Er was geen eenheid in de Hindoe gemeenschap en dit had nadelige gevolgen voor de Hindoe Dharm. Shankar raakte bedroefd en besloot in de vier hoeken (noord, oost, zuid en west) van het land grote kenniscentrums voor Hindoes te maken. Hiermee wilde hij de liefde van de Hindoes voor hun Dharm laten groeien. Hij bracht de Hindoes bij elkaar en vormde een nationale eenheid op basis van Dharm en cultuur. Shankar legde de mensen uit wat de Hindoe Dharm inhield en wat het voor hen betekende. Daarnaast schreef hij ook veel commentaren op de Veda, Upanishads en de Shrimad Bhagwad Gieta.

Shankar was een belangrijke filosoof en een spirituele leider. Hij richtte zich op de Veda en Upanishads. Shankar wordt ook wel Adi Shankaracharya genoemd. Adi betekent “oorsprong” en acharya betekent leraar. Hij is de stichter van de filosofische Advaita Vedanta school, tevens ook de oprichter van vier universitaire filosofische instellingen. Deze instellingen houden de filosofische visie van Shankar in stand en verspreid deze aan zijn volgelingen.

Shankar is niet alleen in India beroemd, maar ook in de westerse wereld zijn de mensen vol lof over het werk wat Shankar heeft geschreven. Een bekend werk van Shankar is Viveka Chudamani, Kroonjuweel des Onderscheids.